In het India van de jaren zeventig overleeft een excentrieke aristocraat – die bekendstaat als een 'wonderdoener' – op wonderbaarlijke wijze een terminale ziekte. Gekweld door schuldgevoel en angst trekt hij zich terug in zijn paleisachtige landhuis en creëert een alternatieve wereld waarin de grens tussen realiteit en verbeelding sterk vervaagt.