Wanneer haar patiënte Lena Chen — oprichter van een tech-startup, echtgenote, moeder van twee kinderen — op een dag spoorloos verdwijnt, blijft psychologe Sarah Vance achter met een doos vol aantekeningen en een opdracht: schrijf het op.
Drie jaar lang observeerde Sarah hoe Lena alles probeerde te optimaliseren — haar bedrijf, haar huwelijk, haar slaap, zelfs haar rust — en toch langzaam verdween. Nu reconstrueert ze hun gesprekken, sessie na sessie, op zoek naar het moment dat ze het had kunnen zien aankomen.
De Bouwer is een roman over vrouwen die alles vasthouden tot het vasthouden hen verteert. Over moeders en dochters die elkaar niet kunnen bereiken. Over de vermoeidheid van altijd aanwezig lijken zonder er ooit echt te zijn.