Maurice Maeterlinck opent de bijenkorf als een wereld van orde, geheim en morele grootheid: geen droge handleiding, maar een bezielde, kritische beschouwing over een van de meest raadselachtige gemeenschappen in de natuur. Hij wil de waarheid over de bij ontdoen van legendes en misverstanden, en de wonderen van de korf laten spreken uit de feiten zelf. In elegante, vroege twintigste-eeuwse natuurfilosofie verbindt hij waarneming met verwondering, van de geschiedenis van de bijenkunde bij Swammerdam, Réaumur en Huber tot de moderne doorbraken van Dzierzon, Langstroth, Mehring en Hruschka. Tegelijk volgt hij de jaarlijkse cyclus van de kolonie: koningin, werkbijen en darren; lente-onrust, voortplanting, arbeid en winterrust. Hij onderzoekt de verborgen "geest van den bijenkorf", de paradox van macht en gehoorzaamheid, en toont hoe de mens de imkerij kan sturen zonder de kolonie te breken. Met experimenten, scherpe observaties en lyrische natuurbeelden onthult dit werk de bij als leermeester van samenwerking, vrijheid, instinct en collectieve intelligentie. Deze editie is volledig gerestaureerd met moderne typografie en een op maat ontworpen omslag.