In de lente van 1940 zag het er niet best uit voor Europa. De Sovjet-Unie had een monsterverbond gesloten met nazi-Duitsland. Noorwegen was zo goed als veroverd. En Frankrijk zou weldra onder de voet gelopen worden. In juli konden alleen de Britten nog voorkomen dat in heel Europa de hakenkruisvlag zou wapperen. Onder de bezielende leiding van Winston Churchill lieten de Britten nog één keer zien hoe een regenachtig eiland in een uithoek van Europa een wereldmacht was geworden. Met een portie sluwheid, vindingrijkheid en niet in de laatste plaats heldenmoed ging de Royal Air Force de confrontatie met Hitler aan.